Oefening I – Verbindingswoorden
immers – overigens – mits – integendeel – zodoende – bijgevolg – met betrekking tot – enerzijds – anderzijds – daarentegen – desondanks – ten opzichte van
- De regering wil de uitstoot van CO₂ verminderen. ____________________ worden bedrijven aangemoedigd om in duurzame energie te investeren.
- De nieuwe wet is strenger ____________________ de vorige wet.
- De werknemer krijgt een loonsverhoging, ____________________ hij zijn doelstellingen behaalt.
- De minister beantwoordde vragen ____________________ het nieuwe migratiebeleid.
- Duitsland investeert meer in hernieuwbare energie. Polen kiest ____________________ nog steeds voor steenkool.
- Het bedrijf maakte vorig jaar verlies. ____________________ bleef het personeel gemotiveerd.
- De cijfers zijn betrouwbaar, ____________________ ze zijn gecontroleerd door een onafhankelijke commissie.
- De universiteit wil ____________________ internationale studenten aantrekken, maar ____________________ de kwaliteit van het onderwijs behouden.
- Er werd veel geïnvesteerd in het openbaar vervoer. ____________________ maken meer mensen gebruik van de trein.
- Ik dacht dat hij tegen het voorstel zou stemmen. ____________________, hij was een van de grootste voorstanders.
- De voedselprijzen zijn sterk gestegen. ____________________ besteden gezinnen een groter deel van hun inkomen aan boodschappen.
- De vergadering duurde langer dan verwacht. ____________________, wil ik nog één punt aan de agenda toevoegen.
Oefening II
immers – overigens – mits – integendeel – zodoende – bijgevolg – met betrekking tot – enerzijds – anderzijds – daarentegen – desondanks – ten opzichte van
- Vegetariërs eten geen vlees. Veganisten gebruiken ____________________ ook geen zuivelproducten of eieren.
- De consumptie van fastfood is de afgelopen tien jaar sterk gestegen. ____________________ neemt ook het aantal mensen met overgewicht toe.
- Het restaurant biedt glutenvrije gerechten aan, ____________________ je dit vooraf vermeldt.
- De diëtist gaf advies ____________________ gezonde tussendoortjes.
- ____________________ is een mediterraan dieet rijk aan groenten en vis, ____________________ bevat het ook voldoende gezonde vetten.
- De prijzen van groenten zijn dit jaar gedaald ____________________ vorig jaar.
- Veel mensen kiezen voor biologische producten. Dat is logisch, ____________________ zij vinden duurzaamheid belangrijk.
- De chef gebruikte uitsluitend verse ingrediënten. ____________________ kreeg het gerecht een veel rijkere smaak.
- Hij eet bijna nooit fruit. ____________________, hij kiest meestal voor koekjes of chips als tussendoortje.
- Het dessert bevatte veel suiker. ____________________ besloot ze toch een kleine portie te nemen.
- Er verschenen nieuwe voedingsrichtlijnen. ____________________ wil ik nog vermelden dat het ontbijt volgens veel experts een belangrijke maaltijd blijft.
- De prijs van cacao is sterk gestegen. ____________________ is chocolade de laatste maanden duurder geworden.
