Woordenschat om een boek of film te beschrijven

Bijvoeglijke naamwoorden om een boek of film te beschrijven

  • spannend – zorgt voor veel spanning en nieuwsgierigheid
  • ontroerend – roept sterke emoties op; maakt je emotioneel
  • grappig – zorgt ervoor dat je moet lachen
  • indrukwekkend – maakt veel indruk
  • boeiend – houdt je aandacht vast
  • voorspelbaar – je kunt gemakkelijk raden wat er gaat gebeuren
  • onvoorspelbaar – verrassend; je weet niet wat er gaat gebeuren
  • realistisch – lijkt op de werkelijkheid
  • onrealistisch – niet geloofwaardig of niet zoals in het echte leven
  • aangrijpend – emotioneel en diep indrukwekkend
  • leerzaam – je leert er iets van
  • verrassend – bevat onverwachte gebeurtenissen of wendingen
  • inspirerend – motiveert of geeft nieuwe ideeën
  • meeslepend – zo interessant dat je blijft kijken of lezen
  • indrukwekkend – bijzonder en moeilijk te vergeten

Oefening I – Multiple choice

Thema: Boeken en films

Kies het juiste bijvoeglijke naamwoord.

Woorden:
spannend – ontroerend – grappig – indrukwekkend – boeiend – voorspelbaar – onvoorspelbaar – realistisch – onrealistisch – aangrijpend – leerzaam – verrassend – inspirerend – meeslepend

1.

Ik kon niet stoppen met lezen, omdat het verhaal zo __________ was.

A. voorspelbaar
B. meeslepend
C. onrealistisch


2.

De documentaire over de Tweede Wereldoorlog liet me veel nieuwe dingen leren. Ik vond hem erg __________.

A. leerzaam
B. grappig
C. voorspelbaar


3.

De komedie zat vol goede grappen. Iedereen in de bioscoop moest lachen. De film was erg __________.

A. aangrijpend
B. grappig
C. realistisch


4.

Het einde had niemand verwacht. Het was echt __________.

A. verrassend
B. voorspelbaar
C. leerzaam


5.

De acteurs speelden zo overtuigend dat het leek alsof alles echt gebeurde. De film was heel __________.

A. onrealistisch
B. realistisch
C. grappig


6.

Het verhaal over een gezin dat alles verloor, raakte me diep. Ik vond het erg __________.

A. ontroerend
B. grappig
C. voorspelbaar


7.

Het avontuur zat vol gevaar en onverwachte gebeurtenissen. De film was ontzettend __________.

A. spannend
B. leerzaam
C. realistisch


8.

Vanaf de eerste scène wist ik al precies hoe de film zou aflopen. Hij was erg __________.

A. verrassend
B. voorspelbaar
C. meeslepend


9.

De hoofdpersoon vloog zonder vliegtuig naar de maan. Dat vond ik nogal __________.

A. indrukwekkend
B. onrealistisch
C. boeiend


10.

De beelden van de natuur waren prachtig en maakten veel indruk. De documentaire was __________.

A. indrukwekkend
B. grappig
C. voorspelbaar


11.

Het verhaal hield mijn aandacht vast van begin tot eind. Ik vond het erg __________.

A. boeiend
B. voorspelbaar
C. ontroerend


12.

Na het lezen van dit boek besloot ik gezonder te leven. Het boek was echt __________.

A. inspirerend
B. realistisch
C. grappig


13.

Elke aflevering verliep anders en je wist nooit wat er zou gebeuren. De serie was erg __________.

A. onvoorspelbaar
B. voorspelbaar
C. leerzaam


14.

De film over vluchtelingen liet zien hoe moeilijk hun leven is. Veel mensen vonden hem __________.

A. aangrijpend
B. grappig
C. voorspelbaar


Oefening II – Vul het juiste woord in

Thema: Boeken en films

Woorden:
spannend – ontroerend – grappig – indrukwekkend – boeiend – voorspelbaar – onvoorspelbaar – realistisch – onrealistisch – aangrijpend – leerzaam – verrassend – inspirerend – meeslepend

  1. De film over de geschiedenis van de stad was erg ____________________. Ik heb veel nieuwe informatie geleerd.
  2. Ik wist na tien minuten al hoe de film zou eindigen. Het verhaal was nogal ____________________.
  3. De documentaire over wilde dieren bevatte prachtige beelden. Ik vond hem zeer ____________________.
  4. Het boek hield mijn aandacht vast van het begin tot het einde. Het was echt ____________________.
  5. De personages in deze roman gedragen zich zoals echte mensen. Het verhaal is heel ____________________.
  6. De film over een moeder en haar kind raakte mij diep. Ik vond hem erg ____________________.
  7. De serie zit vol verrassende gebeurtenissen. Het verhaal is bijna niet te voorspellen en dus erg ____________________.
  8. De komedie bevatte veel leuke situaties. Ik vond de film heel ____________________.
  9. De thriller zorgde voor veel spanning. Ik vond hem erg ____________________.
  10. De hoofdpersoon kan vliegen en reizen naar andere planeten. Het verhaal is spannend, maar ook ____________________.
  11. Door dit boek kreeg ik nieuwe ideeën over mijn toekomst. Het was erg ____________________.
  12. Het verhaal over de oorlog was heel emotioneel en maakte veel indruk. Het was een ____________________ verhaal.
  13. De film had een onverwacht einde dat niemand zag aankomen. Het einde was heel ____________________.
  14. De schrijver vertelt op een interessante manier over moeilijke onderwerpen. Het boek is erg ____________________.

PDF met woordenschat

PDF met oefeningen en antwoorden